Onkostenvergoeding vrijwilligers

Vrijwilligers mogen vergoedingen ontvangen, onder bepaalde voorwaarden van de fiscus.
Mogelijkheden onkostenvergoeding:

1. De vrijwilliger ontvangt geen vaste vergoeding
Werkelijk gemaakte kosten, die aantoonbaar zijn door middel van bewijsstukken (bonnetjes), kunnen op basis van een ingediende declaratie worden vergoed. Bijvoorbeeld een na te rekenen aantal autokilometers van huis naar vrijwilligerswerk.

2. De vrijwilliger ontvangt de vrijwilligersvergoeding
Een belangrijk kenmerk van vrijwilligerswerk is dat de vergoeding niet in verhouding staat tot de omvang van de verrichte werkzaamheden. Bovendien moet die vergoeding het karakter hebben van een onkostenvergoeding. Sinds 1 januari 2006 is de kostenvergoeding voor vrijwilligerswerk verhoogd tot € 150,= per maand met een maximum van € 1500,= per jaar. Als de vrijwilligersvergoeding wordt toegepast, hoeft de vrijwilliger niet te bewijzen dat er kosten zijn gemaakt. De vrijwilligersvergoeding sluit een aanvullende vergoeding van werkelijk gemaakte kosten (zie 1) uit. Met andere woorden, de vrijwilliger kan naast de vrijwilligersvergoeding niet ook nog een kilometervergoeding worden vergoed.

3. De vrijwilliger ontvangt een vergoeding hoger dan de vrijwilligersvergoeding.
Daartegen bestaat geen bezwaar, maar wanneer niet aangetoond kan worden dat de vrijwilliger dit bedrag ook voor het vrijwilligerswerk heeft uitgegeven is deze vergoeding belast. Het gehele bedrag moet dan aan de belastingdienst worden opgegeven. Dat is een wettelijke plicht voor de organisatie die uitbetaalt en voor de vrijwilliger die ontvangt.
Via het IB 47 formulier kan de vereniging in één keer achteraf van alle vrijwilligers de ontvangen vergoeding op weekbasis én op jaarbasis (met naam, adres en sofi-nummer) opgeven aan de belastingdienst. Vrijwilligers doen zelf aangifte. De Belastingdienst controleert dat. Wanneer geen opgave wordt gedaan, kan de vereniging bij een fiscale controle een naheffing van sociale premies, meestal vermeerderd met een boete, verwachten. ‘Niet weten’ is geen reden voor kwijtschelding.
Het is voor de organisatie gebruikelijk om aan alle vrijwilligers en in het begin van een jaar, een overzicht te sturen met het bedrag ‘verdiend in het afgelopen kalenderjaar’ dat aan de belastingdienst zal worden opgegeven. Hij of zij wordt gevraagd binnen veertien dagen kenbaar te maken of de voorgenomen opgave klopt. Bij geen bericht wordt het bedrag daadwerkelijk opgegeven.

4. De vrijwilliger ontvangt een werkelijk loon als gevolg van een dienstverband.
Het is mogelijk een vrijwilliger een dienstverband of een oproepcontract aan te bieden. De dan geldende voorschriften zijn onverkort van toepassing. De vereniging treedt in dit geval op als een normale werkgever.

Bron: www.vrijwilligerswerk.nl